JIJ voor mij

"Ik dacht aan het begin niet veel overeen te hebben met de andere meiden, maar na verloop van tijd bleek ik juist heel veel overeenkomsten (situatie, gedrag, opvattingen) met iedereen in de groep te hebben. En omdat we die overeenkomsten hadden, voelde ik me sneller gehoord en begrepen."

Een groepsdeelnemer

Onzichtbare onzekerheid

Omdat het hier een eerste blog betreft dacht ik, laat ik het eens over eerste keren hebben. En dan in het bijzonder over de onzekerheid die daar vaak bij komt kijken. Die onzekerheid die vaak niemand ziet –Nu ja, bij mij vaak niet. Bij jou misschien wel, dat kan hoor, dat is ook prima, een tikkeltje beter misschien zelfs. Maar voor nu: -.

Ik was vroeger zo’n schreeuwlelijk waar niemand aan zag dat ze onzeker was. Grote mond, veel lachen, stoere blik. Uitdagend bijna. Nu ja, laat dat bijna maar zitten ook. Ik kon als ik het ergens niet mee eens was, bijvoorbeeld met een leraar, die leraar aan zitten kijken met een blik van ‘wat wou je ertegen doen dan’, en kwam daar vaak nog mee weg ook. Ik geloof dat in die tijd de volwassenen om mij heen vonden dat ik een wat onhandelbare puber was die me door niemand liet vertellen hoe het moest, en eigenlijk was ik daar nog trots op ook. Ik had hersens, en kon echt wel zelf bedenken hoe ik vond dat de wereld in elkaar moest zitten, daar had ik geen anderen bij nodig.

Maar achter al die bravoure bleek een klein onzeker meisje te zitten. Niet dat ik dat in die tijd zo zag hoor. Stel je voor, naar jezelf kijken, daar deed ik niet aan. Onzekerheid was onhandig, daar schoot je niets mee op. Dat kon je het beste wegeten, wegsnijden, wegdrukken. Negeren, doen alsof het er niet was, daar was ik heel goed in.

In therapie –mijn leven bleek toch niet zo geweldig te zijn als ik het soms deed voorkomen- kwam ik erachter dat ik helemaal niet zo sociaal was als dat ik altijd dacht dat ik was. Dat ik altijd dacht dat ik wilde zijn. Of dacht dat ik dat moest zijn. Ik was eigenlijk een meisje wat doodsbang was voor afwijzing. Als je daar een beetje over na gaat denken, dan zit overal een potentiele afwijzing in. Naar een verjaardagsfeestje van een vriendin? Wat als de anderen me niet leuk vinden… Vergadering van de een of andere commissie? Wat als ik niet uit m’n woorden zou kunnen komen… Sigaretje bietsen van een klasgenoot? Wat als ze nee zeggen…

Ik loste dat op door al bij voorbaat in de aanval te gaan. Op het verjaardagsfeest plofte ik op de stoel naast de jarige neer. ‘Je vindt het vast wel best als ik hier kom zitten.’ Van de klasgenoot bietste ik niet, maar pakte gewoon een peuk uit het pakje, ‘je vindt het vast wel goed als ik een sigaretje van je leen..’ Ondertussen dacht iedereen dat ik een super zelfverzekerde meid was. Een beetje overactief misschien, en een kletskous, maar zeker niet verlegen.

Áls ik al een keer een presentatie moest geven, dan zat ik bibberend op de wc, maar stond vervolgens gewoon mijn presentatie af te ratelen. Dat ik van binnen nog steeds bibberde, dat zag eigenlijk niemand.

En nu komt de crux: omdát ik het nooit liet zien, en er nooit over sprak, werd het ook nooit minder. Ik leerde niet om iets te doen ondanks mijn onzekerheid, ik leerde alleen maar hoe het te negeren. (En van te voren in een eetbui te vluchten omdat ik me rot voelde van faalangst. En daarna ook, omdat ik me naar voelde over wat er in mijn ogen fout ging. En de volgende keer opnieuw, omdat ik er met niemand over kon praten…)

Tegenwoordig gaat dat ietsje anders. Ik ben erachter gekomen dat mensen je eigenlijk veel leuker vinden als je onzeker durft te zijn. Want dan lijk je meer op hen. Zeg nou zelf, ken jij mensen die niet, nooit onzeker zijn? Ook vond ik uit dat anderen het eigenlijk helemaal niet vervelend vinden als je een beetje zit te bibberen. Of als een klein meisje schuchter komt vragen: ‘heb ik het wel goed gedaan?’ (Okay, misschien heb ik dat laatste op een gegeven moment ietwat overdreven, door voor en na elke potentieel onzekere activiteit –en god, dat waren er nogal wat- aan jan en alleman te vragen of ik het wel goed deed, maar dat is een verhaal voor een andere keer)

Waar het om gaat, is dat de meeste mensen je willen helpen. Mensen vinden het fijn om je te helpen. Je hoéft dus helemaal niet altijd sterk en zeker te zijn. Als je je laat helpen, je onzekerheid open gooit en bespreekt, dan pas kan je werken aan minder faalangst. (En als bonus loop je dan de kans dat die stress-eetbui ook nog uitblijft.) Dat wil niet zeggen dat ik nooit meer onzeker ben overigens. Och, ik ben nog onzeker zát! Maar het helpt ontzettend dat ik dat weet. Me erop kan voorbereiden, even rust kan nemen met een kopje thee, of kletsen met een vriendin.

En dan blijkt het vaak mega mee te vallen. Want ik ben tenslotte ook maar eens mens, en niemand kan meer zijn dan dat.

-Kelly-Kelly

 

 

 

 

Nieuws

Informatiebijeenkomst voor eerstelijnshulpverleners

OD JIJ

Gratis informatiebijeenkomsten voor eerstelijnshulpverleners door ervaringsdeskundigen van Stichting JIJ op donderdag 23 november en donderdag 30 november van 19:30 tot 21:30 uur in Rotterdam-Kralingen.

Elke huisarts, diëtist of praktijkondersteuner heeft wel eens te maken met mensen met (beginnende) eetproblematiek. Maar veelal worden signalen niet herkend.

Lees verder

Voorlichtingsbijeenkomst naasten

Naasten

Op dinsdag 21 november is er van 19.30 tot 21.00 uur een voorlichtingsbijeenkomst voor familieleden, partners en vrienden van mensen met een eetprobleem of -stoornis.

Lees verder
Steun Stichting JIJ Word ook donateur, klik hier >